Koopgids voor open ligfietsen

Nu ik in korte tijd een aantal ligfietsen kocht en verkocht en daarbij al jaren rondloopt in het wereldje, denk ik er een beetje verstand van te hebben. Hier mijn tips om een ligfiets te kopen, verdeeld in een aantal onderwerpen.

Oriënteren

Als je al jaren een ligfiets berijdt is dit onderdeel wat simpel. Je weet wat je wil, je hebt al ervaring en kiest op grond daarvan je ligfiets. Wat doe je hier? Gaat heen en koop! 😉

Maar als het je eerste of een van je eerste is dan wordt het anders. Onderstuur of bovenstuur, grote of kleine wielen, stoelvorm en stoelmaat? En welk merk? Ik denk dat de beste weg om te oriënteren is om een ligfietswinkel te bezoeken. Die heb je in 2 smaken. Merk onafhankelijke bedrijven hadden zich verenigd in de ligfietsspecialisten. Die samenwerking blijkt niet meer te bestaan. Dus kun je zoeken naar een bedrijf in jouw omgeving via ligfiets.net. Op hun site staan vaak probeerdagen of wanneer ze open zijn. Sommigen zijn alleen open na een afspraak. tijdens een uitprobeerdag kom je achter je eigen voorkeuren. En je krijgt te horen welke trends er zijn. Je kan natuurlijk meteen een nieuwe of tweedehands ligfiets kopen.

IMG_20170823_113859

Oude en sterke Nazca. Levert geen klap meer op, maar is om te hebben een supersterk werkpaard. Nieuw gekocht trouwens.

De tweede optie is via een producent. Er zijn er talrijke in Nederland en ook in het buitenland. Voor buitenlandse merken ben je aangewezen op de ligfietsdealers. Bekende merken zijn Challenge, Raptobike, M5, Flevobike, Sinner (trikes), Jouta (trikes) en Nazca. Vroeger maakten ook Optima en Sinner tweewielers. Buitenlandse merken zijn bijvoorbeeld Azub, Hp Velotechnik (trikes), Gforce (trike), ICE (trikes) of Performer. Zie ook ligfiets.net voor een uitgebreid overzicht.

Vaak kun je bij de Nederlandse merken proefrijden. Het vergelijk met andere merken is dan lastiger.

Tweedehands?

Ik zelf koop vaak tweedehands (via marktplaats en ligfiets.net). De fiets van mijn vrouw is nieuw en super betrouwbaar. Niet vreemd natuurlijk omdat de meeste ligfietsen met de hand gebouwd worden door de ontwerper. Vaak bel je ook direct met de bouwer met vragen. Een voordeel van een klein wereldje. Onze andere fietsen zijn tweedehands. Ik heb er goede ervaringen mee. Maar je moet wel heel goed opletten. Zo zijn sommige frames gevoelig voor scheuren (Hurricane) of zijn moeilijk af te stellen (MC Carbon High racer bijvoorbeeld). De vorige eigenaar heeft vaak flink zitten tutten met de fiets, wat niet altijd een verbetering is. Een andere voorvork vond hij misschien leuk, maar het maakt het weggedrag soms wel heel anders. Daarbij is de foto op de verkoopplek soms wel heel veel mooier dan de werkelijkheid.

Wat tips:

  • Is de prijs te laag, dan is waarschijnlijk de fiets ook niet veel. Info vragen via een forum of sociale media groepen is dan heel verstandig.
  • Tegenwoordig zijn ligfietsen wat trend gevoeliger dan vroeger (hieronder daar meer over). Dat heeft invloed op de prijs.
  • Dure groepen verliezen razendsnel in prijs. Met de groep bedoel ik de onderdelen die aandrijven en remmen en schakelen. En ik denk zelf dat een goed gebruikte dure groep verstandiger is om te kiezen dan een goedkoop weinig gebruikt groepje. Richtlijn. voor een toerfiets is Shimano Deore of SRAM x7 of beter keurig. Wil je racen met je fiets dan zou ik voor Shimano 105 of SRAM x9 of beter gaan. Is de groep van een matige kwaliteit, dan kun je verwachten dat je snel onderhoud nodig hebt.
  • Een zwaar gebruikte ligfiets heeft net zoals een gewone fiets flink geleden. Het eerste waar je naar moet kijken is de slijtage aan derailleur, ketting, geleidebuizen en tandwielen. Aluminium frames moet je goed controleren op scheurtjes. Staal is vaak iets betrouwbaarder. Velgen kunnen gescheurd zijn. Stoelzittingen met scheuren rijden minder prettig en willen nog wel eens naar een kant overhellen. Koop zo’n fiets alleen als je zeker weet wat je doet!
  • Hydrauliek is natuurlijk geweldig mooi spul, maar ik probeer het zelf te ontwijken. Het onderhoud is gewoon lastiger. Als je toch je onderhoud bij de (lig)fietsenwinkel laat doen is het minder belangrijk issue.
  • Banden zijn sterk bepalend voor de snelheid. Een smal hard bandje geeft een snel gevoel. Een dikke band van goede kwaliteit kan dezelfde snelheid geven. Kijk bij het kopen van je ligfiets naar de kwaliteit banden. Ik heb zelf liever een band die niet lek gaat en redelijk snel is, dan een snelle band waar ik vaak de binnenband moet plakken.
  • Stoelmaten wordt vaak niet vermeld, terwijl dat heel belangrijk is. Een klein iemand (zeg tot 1,70) heeft baat bij een small of een medium zitschaal. Ben je groter, dan is vaak een large zitting beter. Ben je echt helemaal opgewonden van de fiets, maar is het zadel een puntje, dan is met wat opvullen van het lange deel van een medium nog wel redelijk een large te maken. Maar beter is om te investeren in een grotere zitting.
  • Ook het kussen is een dingetje. Een oud ibiliet kussen is vele malen minder comfortabel als een modern Ventisit/Rainbow kussen.
  • IMG_20170804_192723

    Kijk goed naar de zitting. Eigenlijk nog te groot voor hem. Dit is een kleine zitschaal! Kijk ook naar de pedaal die achter het voorwiel verborgen is. Voor hem geen probleem, maar voor velen een terechte reden niet te kopen!!!

    Voor kleine mensen is het lastig kiezen. De Nazca Fiero XS is zo ver ik weet op dit moment de enige ligfiets die speciaal voor kleine mensen wordt gemaakt. Al zal je bij M5 vast maatwerk kunnen maken. Waar je vooral op moet letten is dat bij een kleine beenmaat de crank snel tegen het voorwiel komt bij sturen. Vooral voor beginnende ligfietsers is dat sterk af te raden. Ook is het belangrijk om een goede zitschaal te hebben. Te groot geeft nekklachten en zit vreemd met je hoofd. Voor mijn zoon van 1,60 hebben we lang moeten zoeken. De Challenge Mistral hebben we flink moeten aanpassen. En eigenlijk is het nog steeds niet goed. Kleinere cranks zou nog wat ruimte kunnen geven.

  • Veel verkopers hebben weinig met de fiets gereden. Ze hebben vak ook weinig verstand van de fiets. Dat kan in je voordeel zijn, maar zorgt ook dat ze pijnpunten niet goed aangeven.
  • Accessoires als bananentassen en toptassen (van het merk Radical Design of M5) zijn een flinke plus. Een bananentas levert los 70-100 euro op, een toptas zo 50 euro. Als dat bij een prijs van een fiets inbegrepen is, heb je een mooi inzicht in de prijs van de ligfiets zelf.
  • Wat mij irriteert (vooral op Marktplaats) zijn de vele fout gespelde namen van fietsen. Of zelfbouw fietsen waar niet de maker bekend is. De andere kant is dat deze mensen dus geen idee hebben wat ze verkopen. Elk nadeel heb zijn voordeel.

 

Trends en prijzen

IMG-20170807-WA0034

Mijn nieuwe aanwinst. Na heel lang zoeken.

Je ziet ook bij ligfietsen dat er een soort van trends zijn. Twintig jaar geleden waren er meer lagere fietsen. Tegenwoordig gaan de zittingen de lucht in. Ik denk dat de meeste nieuwe fietsen met 26 inch of 28 inch wielen worden verkocht. Behalve dan de Flevobike Greenmachine, die op zijn manier een trend op zich is. Ook worden nog veel ligfietsen verkocht met 26 achter en 20 voor, waardoor je een iets rustiger en makkelijker te rijden fiets hebt.

Als je nog verder terug kijkt in de tijd zie je veel hele lage fietsen zoals lowracers (bijvoorbeeld M5) en semi lowracers (Hurricane). Super fietsen, maar je ziet ze minder. Als je een nieuwe fiets koopt zul je sneller een aanbod van hoge fietsen vinden. Geen probleem in mijn ogen. Opvallend, veilig en snel. Als je tweedehands kijkt zul je veel lage fietsen vinden met 20 inch wielen. Laag, minder opvallen en snel. Het is aan de koper de keuze. Ik zie op marktplaats dat lage fietsen op dit moment vrij goedkoop zijn in vergelijking tot de hogere fietsen.

Een Flevobike Greenmachine is de uitzondering. Een top product, dus ook tweedehands nog flink gevraagd en flink aan de prijs. Maar veel waarde voor je geld! Dat wel.

Ik denk dat de meeste ligfietsen tegenwoordig met een bovenstuur verkocht worden. Al is er nog steeds een kleine groep onderstuur liefhebbers. Een prijs voor een tweedehands onderstuur zou dus iets lager kunnen liggen.

Dan is er een trend die aan mij een beetje voorbij gaat en dat zijn de trikes. Je ziet dat deze steeds meer verkocht worden. Enerzijds aangestuurd door bedrijven als van Raam en Sinner die goed geld verdienen met de (semi)-gehandicapten die een mooie fiets wensen om te fietsen. Maar ook worden trikes verkocht aan mensen die het gewoon heel prettig fietsen vinden. Prijzen van (tweedehands) trikes zijn vaak relatief hoog.

Tot slot

Een ligfiets geeft aandacht. Positief en glimlachen, maar ook negatief en ronduit kritisch of bruut. Daar moet je tegen kunnen. Heb je die horde genomen en neem je de tijd om aan je ligfiets te wennen (benen hebben ook een gewenningstijd nodig), dan heb je er heel veel plezier van.

Nuttige links:

Fietsersafstappen, over zijn keuze voor een ligfiets en hoe hij die gekozen heeft. Let op, Walter is perfectionist. Maar daar valt veel van te leren.

Op Kampeerwijzer staat een grondig verhaal over ligfietsen en waar die aan moet voldoen, voor een vakantie, maar zeker ook ter orientatie als beginner erg aan te raden.

Minder nuttig is inmiddels mijn bijdrage op ligfiets.net. In 5 jaar is er blijkbaar toch veel veranderd. Vroeger stond er op ligfiets.net een uitgebreide aanschaftips verhaal, maar die kan ik niet vinden op dit stuk na.

 

Advertenties
Geplaatst in Ligfiets | Tags: , , , , , , | 7 reacties

Het gewicht van Q1

Ik denk dat mensen gaan schrikken. Daarom een paar opmerkingen vooraf.

Het gewicht is inclusief slot (1 kg), gereedschap (1 kg), pomp (0,5 kg) en accu (2,5 kg) en motor (niet los te wegen). Het is zonder mijn werktas (tussen 3-6 kg) en mijn extra “ik moet vast dit ook nodig hebben bij een reparatie waaronder binnenbanden en voor mijn schoenen en kleren tas” van ongeveer 2 kg.

Ik heb gewogen met een goedkope personenweegschaal. Per wiel en onder de andere wielen een stoeptegel. De foto’s geven de maten aan per wiel. Opvallend vind ik het lage gewicht op het achterwiel en de verschillen per voorwiel. De verschillen per voorwiel is deels te verklaren door de accu die aan de rechterkant is geplaatst.

 

Het totale gewicht van de fiets komt dan op: 9+16+19= 44 kg

Zou je de standaard belast er af halen kom je op: 41,5 kg. Zonder accu of motor kun je er nog 5 kg af halen. dus dan heb je pak hem beet 36,5 kg.

Dat is “ietsie” meer dan de moderne velomobiel van 23, 24 kg. Maar er is ook iets meer aan deze fiets gedaan. Je zou kunnen stellen dat met de jaren er wat overgewicht is gekomen. Ik denk dan aan extra lak, reparaties, verlichting met stevig snoer. En bij de reparaties moet je er niet te licht over denken. De neus heeft waarschijnlijk 3 of 4 keer een correctie ondergaan, door breuk, scheuren en ongelukken. En bij de laatste reparatie is die glad gestreken door de hobbels op te vullen. Er gaat een wild verhaal dat een vorige berijder ooit achterop een andere Quest is gereden, waarbij de andere Quest schade had aan de achterpunt en deze quest wat krasjes. Als je in het licht rijdt kun je van binnenuit de opgevulde scheuren zien.

Dus wat is zwaar? Mijn fiets met berijder, zooi en motor weegt 44+80+8=132 kg.

Een lichte DF of Quest met berijder en dezelfde zooi, maar zonder motor weegt: 24+80+8=112 kg

Ik geef toe dat is een verschil. Het scheelt 20 kg of 15%. Wat je vooral bij het optrekken zal merken. En eigenlijk zou je het verschil moeten meten tussen q1 en een 17 jarige lichtgewicht DF/Quest. En ik wil wedden dat het verschil minder wordt. Maar of over 14 jaar Q1 nog rijdt?

edit: de velomobiel rijder die me voor is gegaan met het meten en bloggen van zijn gewicht is stradavaria. Die komt op 41 kg. Ook nog best veel. Anderen geven ook het gewicht van hun fiets in deze post. Lezenswaardig.

 

 

Geplaatst in Quest 1 | Tags: , , , | 10 reacties

Over kronkels en piepjes

Een piepje ontstaat niet zomaar. Het is als een wrat die heel langzaam groter wordt. En als het dan te groot is om te negeren, ben je er zo aan gewend dat je het verwijderen uitstelt. Zo gaat het bij mij met piepjes in mijn fiets. Ik had al een tijdje de piepplek gevonden, maar het moment om het te maken, stelde ik uit. Maar gisteren op mijn vrije donderdag toch de tijd er voor genomen. En daar gaat dit verhaaltje dus over.

IMG_20170713_133104

Deruit. Alles wat zwart is, is tape en vetmengsel.

Bij een oude fiets gaat het soms allemaal anders dan standaard. Zo zat de zuigerstang helemaal vast. Want de moer die aan de vork vast zit, krijg je er niet af, want daar zit het tandwiel van de achteras. Dus die moest blijven zitten. De rest heb ik met een combinatie van vernuft, creativiteit en zachte dwang er af weten te halen. De uitdaging was vooral om het vet er af te krijgen. Het geheel was vast gekoekt met oud donkergrijs vet. Het vet zat ook dusdanig om de moeren die de zuiger onderdelen vast houden, dat alleen de kruis bijna niet te zien was. Veel spiritus helpt een beetje.

Uiteindelijk was alles uit elkaar en lag het vettig in een kartonnen doos.

IMG_20170713_103618

van links naar rechts: zuigerbuis, schroef die aan de zuigerstang vastkomt, veerdemperkussentje, veer, plastic ding in veer en bevestiging aan bovenkant frame.

 

Daarna kwam het edele werk van het schoonmaken. De zuigerstang was lastig te pakken, omdat je in de fiets moet hangen. Daarbij zat er vastgekoekte stukken vet. Schoonmaken  leek meer op bikken dan wrijven. En ik wil de staaf niet te veel beschadigen.

De zuigerbuis met spiritus en een schone lap schoongemaakt. Alle plastic onderdelen in de spiritus gelegd en schoon gemaakt. Het plastic glijdeel aan de onderkant van de zuigerbuis heb ik er uit weten te tikken, met een buis die ik er in geschoven heb.

IMG_20170713_112331

Schoner gaat het niet worden. Daarna lekker invetten.

Het in elkaar zetten is een dingetje. Natuurlijk heb ik niet goed opgelet hoe het uit elkaar ging, dus moest ik wat gokken. Maar het wijst zich eigenlijk vanzelf. Later zag ik de volgorde van de foto’s.

Het invetten heb ik met kogellagervet gedaan. Al kreeg ik te horen dat ik beter iets anders kan gebruiken: @willemvierbergen geeft aan dat Molybdeenvet een stuk beter is voor glijdende delen. Het schijnt dat kogellagervet voor kogellagers is. Maar wie daar de logica in ziet. 😉 @mrtsnp heeft ook nog een tip: Volgende keer een nieuw demper kussentje erin. In die laatste opmerking zit wat diep denkwerk. Ten eerste. Kwist niet dat je die kon vervangen. Ten tweede, dan had ik dus vantevoren een bestelling bij de goden van vm.nl moeten doen, wat voorbereiding impliceert. Ten derde. Het zou dus kunnen dat met een nieuw dempertje de remmen niet alleen stil is, maar ook meer dempt. Dat klinkt toch een beetje als niet alleen antibiotica aan een stervend persoon geven, maar ook een nieuwe heup. Ergens denk ik dat ik nog even wacht, tracht deze tips goed te onthouden en de “volgende keer” het goede vet en een nieuw dempertje te plaatsen.

En dan zijn we bij het gedeelte van het kronkeltje. Als je een tijdje naar achter gekeken hebt en alle schotjes weer terug zet, kijk je ook eens naar voren. In eerste instantie enigszins tevreden, maar toen gefronst. Want wat gaat die ketting toch vreemd op zijn kant die buis in? Is dat normaal? Al snel besef ik dat ik al een hele tijd dus met een ketting rond rijd die een halve slag gedraaid is. Enigszins beschaamd besef ik dat ik dat makkelijk had gemerkt als ik de piepjes en kraakjes van mijn fiets serieus had genomen. Zonder iemand er van te vertellen, heb ik een snelschakelaartje gevonden en de ketting een halve slag gedraaid. Stil joh. Moet je ook eens doen. 😉

Als topje chocoladehagel op de slagroom ook de kettingen gesmeerd. De fiets is nu echt stiller.

PS: die kronkel in de ketting had blijkbaar ook een voordeel. De ketting liep niet van het voorblad af. Nu het ding weer recht is moest ik vanochtend even in het vooronder duiken om de ketting weer op het voorblad te leggen. Misschien toch weer eens die voorderailleur als geleider plaatsen. Ondertussen een paar plastic handschoenen in mijn noodtas gelegd….

Geplaatst in Uncategorized | 2 reacties

De levensfasen van een velomobiel

Een tijdje geleden had Arjen een vraag. Die bleef door mijn hoofd spoken als een zinloos vlammetje in mijn toch af en toe al oververhitte brein. Enerzijds is mijn fiets toch waarschijnlijk al bejaard/pensionado en met de elektrische ondersteuning nu ook al met een soort kunsthart, een neuscorrectie, diverse herstelde breuken in het skelet en incontinentie verschijnselen. Dat Q1 nog rijdt is een wonder op zich. Anderen vinden dat een reden te stoppen met de fiets, wat niet geheel onverstandig klinkt. Maar wanneer is een velomobiel nou oud te noemen, of nog jong? Een totaal subjectief gegeven.

Maar de vraag is dus:

Daarvoor moeten we een aantal zaken tackelen:

  • Hoe oud is de gemiddelde mens (in Nederland voor het gemak)? 39 jaar volgens deze site. Dan hebben we een eerste referentie.
  • Dezelfde site geeft aan dat we gemiddeld 80 jaar oud worden. Daarna sterf je. Bij een fiets noemen we dat “end of life” in mooi Nederlands. En dat is als reparatie niet meer opweegt tegen de waarde van de fiets, of als de fiets gecrasht is en niet meer maakbaar is. In zekere zin is een velomobiel ook EOL als de fiets al jaren in een schuurtje ligt te vergaan en verwaarloosd is. Als laatste is het een polyester/carbon product en dat heeft ook zijn leeftijdsgrenzen (ik weet niet hoe lang dat is. Iemand?)
  • Hoe kunnen we km-stand vertalen naar een soort verbruiks-eenheid die het aantal jaren ongeveer aangeeft? Ik heb in een spreadsheet 100 Quests (*) gezet van eigenaren die regelmatig hun km-stand invullen op velomobiel.nl. Gemiddeld rijden die 80.000 km en 10.000 km per jaar. Ook al varieert de leeftijd en afstand heel sterk, een gemiddelde liegt niet. 😉 Dus een fiets van 5 jaar zal gemiddeld 50.000 km gereden hebben. Of je zou kunnen stellen dat een fiets met 50.000 km ongeveer 5 velomobiel jaren heeft geleefd. Maar is die fiets nu bejaard?
    * (Ik heb 100 Quests genomen omdat ik dan zeker wist dat er 100 waren die zeker wat bijgehouden hebben, je kan natuurlijk verder onderzoeken of dit bij een DF, Mango, Alleweder of Quatrovelo verschilt)
  • Welke levensfasen heeft een mens? Volgens Wikipedia bestaan volgens deze levensfasen:

De indeling varieert naargelang de context. Een gebruikelijke indeling is:
embryofoetus → (geboorte) → kindertijd (babypeuterkleuterschoolkindpuber)adolescentievolwassenheidouderebejaardedood

Een aantal kunnen we samenvoegen voor een fiets. Embryo en foetus en geboorte  zijn hetzelfde (het productieproces). Ik denk dat peuter, kleuter, schoolkind en puber ook samengevoegd kunnen worden, als de groeifase. Hetzelfde geldt voor adolescentie en volwassenheid. Dus houden we de volgende 6 levensfasen over voor een velomobiel:

productie –> baby –> opgroeien –> volwassen –> oudere –> bejaarde –> dood

  • Dat zorgt voor een mogelijkheid de getallen en kennis samen te voegen? Welke fasen hoort bij welke leeftijd en wat is er dan gebeurt? In de tabel hieronder ga ik dat naar eigen idee beschrijven.
levensfase beschrijving leeftijd fiets leeftijd mens
productie De fabriek maakt de fiets en de fiets wordt vervoert naar de winkel. tot 0 jaar tot 0 jaar
baby De fiets komt uit zijn verpakking en staat in de winkel op zijn eigenaar te wachten. Blinkend, netjes gesmeerd en zonder krasjes. De fiets wordt afgesteld totdat de eigenaar tevreden is. tot een paar maanden afhankelijk van wanneer de fiets gehaald wordt. tot 2 maanden ongeveer.
opgroeien De spannendste tijd voor de fiets (en de eigenaar). De afstelling wordt verbeterd, er worden zaken toegevoegd voor comfort of gemak of de snelheid. Maar ook de eerste krasjes, deukjes en grotere schade. Vaak door de onkunde van de eigenaar, of door de omgeving. Goed om te bedenken dat deze fase bij een volgende eigenaar feitelijk weer opnieuw begint. Ook bij een ervaren eigenaar kan deze fase korter duren. Maar een vuistregel is wel dat je na 20.000 km fietsen je fiets aardig begint te kennen. 0 tot 2 jaar 2 tot 21 jaar
volwassen Voor zover mogelijk is de fiets af. De eerste dingen worden vervangen omdat ze versleten zijn. De banden zijn allang een of meerdere keren vervangen. Krasjes zijn groeven geworden of netjes weggepoetst. In deze fase hoort ook een soort midlife crisis waar de fiets ernstige veranderingen ondergaat zoals een andere kleur, bult, kap, frame, achtervork, vering of wat de eigenaar maar kan bedenken. 2 tot 5 jaar 21 tot 50 jaar
oudere Ondanks alle aanpassingen van de eigenaar is de fiets duidelijk op leeftijd. Sommige eigenaren wachten niet op dit moment en verkopen de fiets. 5 tot 7 jaar 50 tot 65 jaar
bejaarde Je bent gek, of gek op knutselen als je nu nog de fiets wil berijden. Een eigenaar vertroetelt of negeert de fiets. Vaak zie je fietsen van deze leeftijd weggestopt in een hoekje wachten op een betere tijd, die misschien nooit meer komt. Sommige onderdelen moeten nodig vervangen worden. Als het nog kan en onderdelen nog gemaakt worden door de producent. 7 tot 15 jaar 65 tot 80 jaar
dood De fiets is niet meer te repareren. Het gaat de shredder in. Of aan de muur. 15 tot 20 jaar 80 tot 100 jaar

Je ziet dat de leeftijd niet geheel gelijk loopt met de leeftijd van een mens. Dat heeft enerzijds te maken met de korte baby tijd en de lange bejaarde fase. In de periode van 2 tot 7 jaar kun je aanhouden dat 1 velomobielenjaar overeenkomt met 10 mensenjaren. Of dus 1 velomobielenjaar komt overeen met 10.000 km gereden. Dat een mens van 10 jaar, 100.000 km moet hebben gereden is dan weer een cirkel redenering.

En dit is even waar als dat God kan breien. Het is even handig als een dikke spijker gebruiken als kettingpons. Het is even betrouwbaar als Trump.

Maar 1 ding is het wel. Regel 2 tot in het oneindige.

Geplaatst in Ligfiets | Tags: , , , | 10 reacties

Cyclevision 2017 dag 2

Deze dag begon net als gisteren met een stukje fietsen, een pont, stukje fietsen door een rustig Amsterdam en aankomst in het sportpark. Een klein verschil is dat er suikerfeest was en er veel mannen met pyama’s rond liepen of reden en bijbehorende gezin. Het contrast met de mannen en vrouwen in lycra kon niet groter zijn.

De eerste races waren al geweest toen ik aan kwam en ik kon nog net horen hoe Marloes de laatste racers voor de snelste ronde opriep. Toen mocht ik de 3/6 uurs doen. Het bijzondere geval wilde dat we zo goed als op tijd konden starten. Daniel Fenn hoefde geen bandje te wisselen, was gewoon op tijd. Dus ja. Dan maar starten.

Altijd een mooi gezicht die start en de uren daarna vervelen mij weinig, want er gebeurt veel, er wordt gezellig aangemoedigd en een paar druilerige regendruppels konden de baan net aan vochtig krijgen. Toen de 3-uurs eindigde, was iedereen verbaasd dat Daniel Fenn stopte. Hij lag in een riante positie en reed heel erg snel. Maar ik begreep dat er iets met de fiets was. Daarna kwam een spannende strijd tussen Matthias, Nici en Peter. Uiteindelijk werd Nici de gelukkige tweede achter Ymte en voor Peter. Toch uniek dat Nici als vrouw tussen het mannengeweld zich zeer goed stand hield.

Voor mij heel leuk is dat vrouw en kinderen langskwamen. Daan was verliefd op de fiets van Anna Sybrandy. Maar de uitprobeer DF was nog iets leuker. Ik ga sparen, was zijn commentaar op het horen van de prijs. Ik ben benieuwd wanneer hij het bij elkaar heeft. 😉

En tja, dat was het voor mij. De prijsuitreiking heb ik van afstand meegemaakt. Ik moest toch echt naar huis. Maar in plaats daarvan eerst nog even bij onze favoriete patat boerin een patatje gegeten.

Volgend jaar? Zeker weer.

Irritaties?

Ja. Eentje. Eentje die ik niet begrijp. Tijdens het hele evenement heb ik 2 ligfiets(onderdelen)verkopers gezien. Wim Schermer van velomobielonderdelen.nl, die een fietskap afleverde. En Hans Joosten die zijn gesoldeerde ligfietsmodellen verkocht. Maia heb ik niet gezien maar dat kan aan mij liggen. Die verhuurde ligfietsen. Mark Burgers was vrijwilliger. Daarmee zijn de ligfietsdealers in ieder geval een beetje aanwezig en probeert Maia een gat te dichten. Thys was zelf aanwezig om te roetsen en zag ik veel kletsen. Maar geen Challenge (op Ellen na), Nazca, of M5 afgevaardigden te zien. Vind je het gek dat er bijna geen open ligfiets verkocht wordt als je er geen moeite voor doet. Wel waren er velomobiel fabrikanten. Intercitybike en velomobiel.nl. Ook deze hadden geen uitprobeer fiets. Ik heb tijdens mijn pauzes een aantal keer vragen gekregen van bezoekers of er ligfietsen uitgeprobeerd kon worden. Het feit dat dit evenement dat niet kon aanbieden vind ik ronduit belachelijk. Ik ben er nog niet uit of de ligfiets-producenten naïef, zo goed als uitgestorven of onverschillig zijn. Maar een positief gevoel komt niet vanuit de producenten. Hopelijk kan ik daar in de komende jaren een fijner bericht over schrijven.

Nog een paar foto’s voor het kleurtje.

Kleine edit: Henri Barth vertelde me dat hij dus 4 La Fleche velomobielen heeft gebouwd. Elk is weer anders dan de vorige. 3 rijden er in Nederland en eentje in België. Dus kon ik nvminnl weer bijwerken.

Geplaatst in Ligfiets, Quest 1 | Tags: , , , | 4 reacties

Cyclevision 2017 dag 1

Het was een druilerig begin, met een tochtje door de regen die niet afkoelt en je amper nat maakt, maar de weg wel en de mensen om je heen blijkbaar ook.

Bij de pont kwam ik precies toen er geen pont was en mocht ik daar een kwartier voor me uit staren. Zo rond 9:00 uur op zaterdagochtend had ik daar geen problemen mee.

Na de pont die heerlijke lange wegen door het industrieterrein. Langs grote hopen met zwarte en bruine korrels en ingeslapen fabrieken. En dan tot mijn verrassing een IMG_20170624_091849protestmars midden op de lege weg. Witte geklede mensen met “iets” in hun hand. Eromheen “officiële waarnemers” die inderdaad officieel aan het waarnemen was. En journalisten. Die mij met de groep op de achtergrond op de foto nemen. Ik dan ook van hem. Hij kon er niet echt om lachen, maar kon me wel vertellen dat het een protest tegen kolen was. Mooi dacht ik, maar waarom protesteren op een tijdstip dat iedereen nog slaapt? Vast een naïeve gedachte gespeend van elk politiek inzicht. De leus was krachtig maar niet te verstaan. Ik hoopte dat ik later op de dag beter verstaanbaar zou zijn.

Verder ging mijn jaarlijkse bedevaartstocht (zolang het niet te ver is). En snel reed ik langs Kapsalon FUKUP en bloemisterij “de Eisvogel”, naar het Velodrome.

IMG_20170624_111439Daar aangekomen als een brave vrijwilliger mij ingeschreven mijn shirt van de crew ontvangen en aan het werk, door mensen te helpen en te irriteren met de speaker. Zo had Jan van Geelen met zijn partner een tandem gekocht die wij ook hadden gewild. Daar brak een ketting, maar toch bleef ik jaloers. En reed Wim Schermer niet (meer) mee. Het blijkt dat zelfs mensen als Wim ouder worden. Jammer, vooral voor hem en voor ons als toeschouwer. Ook Hans Joosten was er even om zijn geliefde tinnen ligfietsen te verkopen. Toen hij vermoeid weg ging, heeft de stand van de NVHPV zijn verkooptaak  overgenomen. En ik ga morgen zorgen dat ze allemaal verkocht zijn!! Al die andere vrijwilligers en bekende gezichten is altijd leuk om weer te zien en ik speakerde wat af. Ik zou niets anders willen, want wedstrijd rijden kan ik niet.

img_20170624_1133041.jpgDe wedstrijd met de kids is altijd leuk en ik voelde me een oen dat ik me eigen kinderen die niet mee liet beleven. Volgend jaar!

En dan terwijl de lezingen zo’n beetje begon, de 200 m vliegende start op de houten baan van het velodrome. Ik vind het al behoorlijk eng om naar te kijken. Een beetje alsof je kinderen zonder veiligheidsgordel in de achtbaan zitten. Maar de familie Sybrandy suist de bochten in alsof ze het al jaren zo doen. Dat blijkt ook zo te zijn, want de hele winter hadden Anna en de rest van de bende getraind op binnenbanen. Maar de heersers van de baan leken toch Ellen vanVugt en Hans Wessels die een lesje 200 meter sprint met vliegende start gaven, door met de tandem van boven naar beneden te vallen. Meesterlijk mooi. Ik dacht dat dat niet beter kon. Tot Mathias König op zijn hoge Troytec en Stijn van de Maele op zijn M5 CHR hun optreden gaven. Ze kregen beiden applaus van het publiek. Pure schoonheid, pure kracht en perfecte timing gepaard met een vleugje doodsverachting.

Toen was het tijd voor mij te vertrekken. Maar nog even luisteren naar het verhaal van Cygnus rijder, Jan Marcel van Dijken. Nog even beppen buiten, nog even… Nee, ik moet echt gaan. OSMAND aan en de favo Thuis aangetikt en gaan. FUKUP en de eisvogel heb ik niet meer gezien. Wel nog een paar demonstranten en busjes van de politie die natuurlijk hun auto op het fietspad geplaatst hadden.

Zo vandaag is klaar. Morgen nog een dagje. Joepie.

Geplaatst in Ligfiets, Quest 1, Uncategorized | Tags: , , | 1 reactie

Ervaring na 1 jaar e#Q1 (km-stand: 154.840 km)

Na een jaar electrisch rijden kan ik niets anders zeggen dat het luier en sneller is. Luier, want je lijf doet minder. Sneller, want de snelheid met ondersteuning is bij mij iets hoger en constanter. Tegenwind maakt nu echt niets meer uit.

Het rijden

Ik ben inmiddels wel gewend om ondersteund te rijden. Het verschil in snelheid zonder is niet heel groot, het scheelt ongeveer 5 km/h (36 ipv +30), dus verassingen blijven voorlopig uit. Wat vooral veel scheelt is optrekken en constantheid. Ik merk bij wegrijden dat zodra de motor aanslaat je met flinke versnelling er vandoor gaat. Je trekt geen klinkers uit de weg, maar bent toch wat sneller op gang. Het gewicht speelt minder een rol. De cadans is erg afhankelijk van 2 factoren. De hoeveelheid lading van de accu en hoeveel ik kies ondersteund te worden. Hoe lager de lading van de accu, hoe lager je caddans moet zijn om nog ondersteuning te krijgen. Dat ligt aan dit type motor. De motor die Sinner installeert heeft dat niet. Ook de motor op de fietsen van kampeerwijzer hebben dat probleem niet. En waarschijnlijk de nieuwe bafang ook niet.

Daarnaast kan het zijn dat ik een goede dag heb en dan merk ik dat de motor amper aanslaat omdat ik als vanzelf een hogere cadans trap, waardoor de motor “denkt” dat ik het wel zelf aan kan.

Maar wat wel heel fijn is dat je met ondersteuning precies weet hoe veel tijd een rit kost. Mijn woon werk rit van 12,5 km duurt 27/28 minuten. Je snelheid is zo constant, dat je daar van op aan kan. Dat was toch anders zonder ondersteuning, waar wind en temperatuur belangrijke factoren zijn.

Waar je ook bewust van moet zijn is de bandenspanning. Zonder ondersteuning merk je het wel als de banden een pufje nodig hebben. Hier compenseert de motor het snelheidsverlies door zachte banden. Maar in bochten is het wel degelijk belangrijk. Dus ik moet er goed aan denken om dat te doen.

Zweten doe je niet. Een voordeel voor als je op je werk aan komt. Een nadeel als je fietst voor de sportiviteit. Met een e in je q rijd je vooral om buiten te zijn en te genieten van de omgeving.

Accu

Die doet het gewoon. Net als de motor, die een keer gerepareerd moest worden maar verder probleemloos door gaat.

De accu begint na een jaar wel minder te worden. Reed ik vorig jaar nog 85 km op een lading. Nu rijd ik met veel geluk ongeveer 70 km. En dan heb ik het idee dat ik meer mee trap dan een jaar geleden. Over een jaar zal ik weer een blog schrijven en kijken of het verval met hetzelfde tempo doorzet.

Na een jaar

In het afgelopen jaar heb ik bijna mijn voorspelling gehaald wat betreft afstand in een jaar. Ik heb nu sinds de aanschaf 3840 km gereden in een jaar. Ik verwachtte 4000 te halen. Maar een keertje ziek en een reparatie aan de motor hebben gezorgd dat het niet gehaald is. daarentegen heb ik ook buiten woon-werk wel eens gereden. Al met al een mooie afstand. Vooral als je het vergelijkt met de krappe 1000 km van het jaar daarvoor. Dus het doel om meer in de fiets te zitten en meer uit de auto is gelukt.

(kleine lettertjes: de 3840 km is de stand op de teller. Die geeft bij 36 km/u ongeveer 35 km/u aan. Als je dat verrekend komt de 4000 km wel heel dichtbij. Dan is de stand namelijk ongeveer 3950 km)

Ik heb de motor “begroot” op een jaar of 3 á 4. Dus na ongeveer 15.000 km moet het vervangen worden. Dit zijn in ieder geval de ervaringen die wij hebben met de e op de bakfiets. Deze heeft echter ook veel meer te lijden. Altijd buiten, zware belasting en veel storingen. Dus misschien houdt het ding het wel langer.

De accu zal na 3 jaar wel af zijn. En aangezien ligfietsshop tegenwoordig accu’s refurbished lijkt me dat een goed idee. Nadeel is dat je de oude niet kan gebruiken als reserve accu op lange tochten. Maar ik kan tegen die tijd altijd nog anders beslissen.

En ja. Het is bedoeld omdat ik een beperking heb. Dus mocht in de toekomst die beperking opgelost zijn (dromen kan altijd), dan gaat vrolijk de motor er uit. Of doe ik hem bij mijn volgende fiets er niet meer in.

Op naar de volgende 4000 km.

Geplaatst in e-quest, Quest 1 | Tags: , , , , | 6 reacties